Leerlingbegeleiding

Iedere leerling heeft recht op begeleiding. Leerlingen moeten in de middelbare schoolperiode veel keuzes maken. Die keuzes zijn niet altijd gemakkelijk. De school wil hen daarbij ondersteunen, samen met ouders.

Op het Willem van Oranje College is de leerlingbegeleiding opgedeeld in drie aspecten:

leren leren;
leren kiezen;
leren leven.

Leren leren
In het leren staat het leerproces van de leerling centraal. Hoe leert hij/zij? Waarom kunnen en moeten bepaalde vakken beter? Welke leerstrategie kan een leerling het beste inzetten bij het leren van leerstof? In de eerste klas leren we de leerlingen hun huiswerk plannen, een les leren en schematiseren, reflecteren en samenwerken. In een aantal mentorlessen wordt hier tijd aan besteed. Een belangrijk hulpmiddel is een speciale agenda die alle leerlingen in het eerste leerjaar moeten gebruiken.

Leren kiezen
Binnen dit onderdeel wordt de nadruk gelegd op de keuzes die leerlingen moeten maken voor een vervolgtraject op onze school of een vervolgtraject buiten het Willem. De leerlingen hebben allereerst te maken met een afdelingskeuze: vmbo, havo, atheneum of gymnasium. Vervolgens de keuze tussen de leerwegen binnen het vmbo of profielen binnen de Tweede Fase. Tot slot moet er een keuze worden gemaakt voor een vervolgopleiding of een beroep. Vanaf de eerste klas zijn we op een gestructureerde manier bezig om leerlingen te helpen met hun keuzes. Wanneer dit intern niet lukt, wordt een extern bureau ingeschakeld.

 

 

Leren leven
Het gaat ons uiteraard ook om de zorg voor de individuele leerling: de sociaal-emotionele begeleiding. Wanneer de leerling niet goed functioneert, kan dat te maken hebben met persoonlijke problemen. Ook daar besteden we in de school aandacht aan. In de eerste klas wordt een schoolvragenlijst afgenomen. Deze vragenlijst geeft enig inzicht in het welbevinden, de motivatie en het zelfconcept van de leerling. De uitkomsten kunnen aanleiding zijn om een leerling extra hulp te geven. In dit kader zijn er bijvoorbeeld trainingen op school die de leerling kunnen helpen om te leren omgaan met faalangst, of een training die de leerling helpt zich weerbaarder op te stellen. Er is een orthopedagoog op school voor leerlingen met leer- en gedragsproblemen. Ook zijn er in de school vertrouwenspersonen aangesteld om leerlingen te helpen. Soms worden leerlingen verwezen naar externe instanties: GGD, GGZ, bureau Jeugdzorg, etc.
 

De organisatie van leerlingbegeleiding
De centrale persoon in de leerlingbegeleiding is de mentor.
Naast de vakdocent en de teamleider is hij degene die
zorgdraagt voor het dagelijkse onderwijsproces. Dit noemen
we de eerste lijn.
Daarnaast is er de tweede lijn, dit betreft de interne specialisten. Dit zijn de decaan, de leerlingbegeleider, zorgcoördinator, onderwijsondersteuners, orthopedagoog, autismedeskundige, remedial teacher, interne vertrouwenspersonen. Zij nemen ook deel aan het intern ondersteuningsteam (IOT). 
Ondersteuning vanuit buiten de school betreft de derde lijn, hier gaat het om externe instanties zoals de schoolartsendienst (GGD), GGZ, Bureau Jeugdzorg, (school) Maatschappelijk werk, CJG en externe vertrouwenspersonen.

Meer informatie treft u hier.